Het leven

In Gaongho leven de mensen voornamelijk van de landbouw.
Elke familie heeft zijn eigen akkers waarop diverse graansoorten worden verbouwd. Het basisvoedsel bestaat uit mais, gierst, witte en rode sorghum. Van deze laatste graansoort wordt door de vrouwen het lokale bier gebrouwen, “dolo”. De periode juni-oktober geldt als de landbouwperiode. Het valt samen met de regentijd. In oktober wordt er geoogst. De oogst is sterk afhankelijk van de hoeveelheid neerslag die is gevallen in het seizoen.
leven_1Er kan te veel of te weinig regen zijn gevallen waardoor de oogst mislukt. Er dreigt dan een periode van voedseltekorten te ontstaan. De voedselvoorraden die in oktober worden aangelegd moeten voldoende zijn voor een jaar, waarna pas weer geoogst kan worden. In de droge periode van oktober tot juni is namelijk geen landbouw mogelijk. Dit maakt de voedselsituatie heel kwetsbaar voor de boeren in Gaongho.
De mensen proberen daarom bij te verdienen met veeteelt.

 

 

leven_2Men houdt kippen, schapen en geiten en enkele koeien. De echte veetelers zijn de Peulh die ook in de omgeving van Gaongho wonen en hun producten ruilen met de dorpelingen van Gaongho. Zij houden grote kuddes met koeien die in de omgeving grazen. De mensen van Gaongho behoren tot de Mossi stam. Zij spreken de lokale taal Mooré.

Mannen en vrouwen hebben gescheiden taken.

 

 

leven_3De vrouwen nemen de huishoudelijke taken op zich zoals water halen, koken, wassen etc. en zorgen voor de kinderen. Ook proberen de vrouwen met eigengemaakte producten geld te verdienen. Bijvoorbeeld door het lokale bier te brouwen, boter te maken van kariténoten, pinda’s en groenten te verbouwen op hun eigen akkertjes en dit te verkopen. Zowel de mannen als de vrouwen werken op de familieakkers.